4. LICHTEN
Toen zei God: Ik wil dat er heldere lichten aan de hemel verschijnen om de aarde te verlichten en het verschil tussen dag en nacht aan te geven. God maakte twee grote lichten, de zon en de maan. Tegelijkertijd maakte God de sterren. God zag dat het goed was.
Zo oneindig groot het heelal is, zo groots is Zijn Schepping en machtig Zijn werk.